Skip to main content
20
december
2020

Wordt de Europese treinreiziger de dupe van nieuwe reizigersrechten?

Terwijl                               Europa de mond vol heeft over het verbeteren en het uitbreiden van de internationale treinverbindingen, dit als alternatief voor het vliegtuig, datzelfde Europa dreigt tegelijkertijd juist de reizigersrechten van treinreizigers uit te kleden. Al sinds 2017 wordt gesproken over het vernieuwen van de Europese regels, over goede reisinformatie en over -indien nodig- alternatief vervoer of een overnachting bij een opgelopen vertraging. Een ander belangrijk punt voor de reizigers is dat bij een vertraging reizigers in de toekomst minder snel recht hebben op een geldelijke compensatie. Ook zullen de plannen rond de uitgifte van gecombineerde tickets voor een hele reis niet worden doorgevoerd. Daarnaast zien we in Nederland dat reizigers vaak geen recht hebben op “geld terug bij vertraging” wanneer er met twee verschillende vervoerders wordt gereisd.

De grote achteruitgang in reizigersrechten is het resultaat van een nieuwe en bredere overmachtsclausule waardoor spoorbedrijven straks in het geval van een vertraging een beroep op overmacht kunnen doen. In de praktijk zou dat kunnen betekenen dat de spoorwegmaatschappijen straks, zelfs bij een beetje sneeuw, de reiziger niet meer hoeven te compenseren. De nieuwe verordening inzake de hierboven vermelde compensatierechten zal eerst goedgekeurd moeten worden door vertegenwoordigers van alle lidstaten.  

Het Europese Parlement heeft de afgelopen jaren zich herhaaldelijk uitgesproken voor één ticket voor het gehele traject; ook voor internationale reizen die uitgevoerd worden door meerdere vervoerders. Wie met twee of meer spoorwegmaatschappijen een lange reis maakt, heeft meestal meer dan één kaartje nodig en heeft bij een vertraging van zijn trein en inherent hieraan het missen van zijn aansluiting formeel geen recht op compensatie.  Daar lijkt de nieuwe verordening geen verandering in te komen.

Het enige wat de nieuwe verordening regelt is dat een vervoerder één ticket moet regelen als de reis wordt uitgevoerd door het eigen bedrijf en zijn 100% dochterondernemingen. Omdat spoorwegmaatschappijen en de lidstaten een belangrijke stem in dit proces hebben, lijken alle wensen van spoorwegmaatschappijen rondom het niet toekennen van een compensatie bij een vertraging vervuld te worden.

De nationale spoorwegmaatschappijen van de lidstaten zien niets in één ticket voor het gehele traject, terwijl de nieuwe spoorwegmaatschappijen zoals Flixtrain en RegioJet daar wel een voorstander van zijn. Als er toch tickets voor doorgaande reizen komen, dat zijn dus reizen door verschillende landen met of zonder overstap,  dan zouden de gevestigde vervoerders ook tickets moeten gaan verkopen waarbij een deel van de reis door een nieuwkomer wordt uitgevoerd.

De verwachting is dat de nieuwe verordening begin 2023 ingaat. Naast de verslechteringen zij er ook verbeteringen omdat nieuwe treinen ruimte moeten bieden aan minimaal vier fietsen. Dat geldt voor nieuwe treinen en voor treinen die vanaf 2023 gerenoveerd worden. Een andere verbetering is dat reiziger met een beperkte mobiliteit de vervoerder straks slechts 24 uur van tevoren op de hoogte hoeft te stellen van hun  reisplannen. Volgens de Europese regels is dat nu nog 48 uur.

In 2021 gaan de nieuwe verordening naar het Europees Parlement voor goedkeuring. Tot die tijd blijft de European Passengers’ Federation, de overkoepelde organisatie van reizigersorganisaties waar Rover lid van is, zich inzetten voor verbetering van de verordening.

0.0/5 rating (0 votes)
Categories: Rover-Limburg